FaraomierFaraomier


Uiterlijk
• Bruingeel, 2 tot 3 mm. lang met donker achterlijf.
•Koninginnen worden tussen de 3,5 en 4,8 mm lang, zijn bruingeel en hebben een donkere kop.
• De mannetjes zijn donkerbruin van kleur met lichtgele poten en antennes.
•Ook hebben mannetjes vleugels.

Ontwikkeling
• meerdere koninginnen (2 tot 400) per kolonie aanwezig.
• 1000 tot 2500 werksters per kolonie.
• levensduur werksters tot 2 maanden,
• levensduur mannetjes 2 - 3 weken
• levensduur koningin ca. 9 maanden.
• Koningin legt ongeveer 300 eieren.

Leefwijze
• Voorkeur warme vochtige plaatsen. Men vindt ze meestal achter tegels, stopcontacten, meterkasten en slecht sluitende stootvoegen.
• Voor hun ontwikkeling hebben de eitjes van de Faraomier een voorkeurtemperatuur van
27º C.

Schade
• Dragers van bacteriën.
• Ze kruipen ze bijv. onder gips om te eten van open wonden.

Wering en preventie
• Levensmiddelen zoveel mogelijk in goed gesloten potten en bussen bewaren.
• Aparte bestrijding met lokmiddel (evtl. o.a. lever).